Zaalhockey deel 1: balken als zijlijnen?

Balken in de zaal?

De afgelopen 2 jaar hebben we kou geleden, wedstrijden in sneeuw gespeeld en veel wedstrijden niet gespeeld (omdat ze afgelast waren). De midwintercompetitie, wat een uitvinding…..not. Toen ik nog een junior speler was speelde je gewoon van september tot december je wedstrijdjes en dan had je 2 maanden winterstop en ging je in maart weer aan de 2e helft van het seizoen beginnen. In het zuiden (Brabant) speelde men toen zaalhockey in de winterstop, maar bij ons in het noorden was dat niet echt. Ja, toen ik eenmaal rond 15 jaar was begon het een beetje, maar ik was er geen ster in. Daarnaast speel je zaalhockey op de meest onmogelijke tijden in het weekend, zoals bijvoorbeeld om 18.00 uur in een hal ergens in Haarlem op zondagavond. Kortom, het was en is niet echt mijn ding de afgelopen jaren.

Echter, zaalhockey heeft toch ook wel 1 groot voordeel. In een sporthal is het droog en warm. Zoals gezegd speelden we met de jongste jeugd, de teams van mijn beide jongens de afgelopen jaren buiten in de winter op het veld. Dit jaar echter mogen we de zaal in. Het is vanaf een bepaalde leeftijd, dus nu mogen we. In september waren we net met het seizoen begonnen toen ik een mailtje kreeg van de hockeyclub: “of we ons willen opgeven voor de midwintercompetitie of zaalhockey?”. We hadden net 2 potjes in 20 graden gespeeld in de Indian Summer die we tegenwoordig hebben en kregen we dus deze vraag al. Bij navraag bleek dat er een nieuwe “zaalhockey-commissie” was aangesteld en die waren voortvarend aan het werk gegaan. Beter te vroeg dan te laat blijkbaar dus.

Nu is het december en gaat het beginnen, de eerste zaaltraining. Iedereen staat al 3 weken te springen van enthousiasme. Paniek is er ook wel, met name bij de ouders want er worden prangende vragen via de app dagelijks op me afgevuurd. “Wat voor een zaalstick moet ik kopen?”, “Is de handschoen voor links of rechts?”, “waar is de training?”, “heeft mijn zoon ook speciale kleding nodig?”, “mag hij op zijn gymschoenen of moeten het speciale zaalhockey-schoenen zijn?”, “heb je in de zaal ook een bitje nodig?”, etc. Ik beantwoord ze netjes en geef aan dat eigenlijk de handschoen echt anders is. Tuurlijk, de stick ook, maar het is niet anders dan het kopen van een gewone stick. Een zaalhandschoen is verplicht en een speciale handschoen (met dichte vingers). De handschoen is voor de linkerhand.

Dan is het zover. We hebben onze eerste training. De avond daarvoor heb ik toch maar even me er een uurtje in verdiept, want ik ben een echte veldhockeyer en dus ook veldtrainer. Zoals ik al aangaf is zaalhockey niet helemaal mijn ding, dus het geven van een zaaltraining is nog al een uitdaging. De training start om 15.00 uur, maar omdat we de eerste zijn moet het veld nog worden uitgezet. Ik hoor u denken “hoezo?”. Nou, ondanks dat er in de zaal wel doelen staan en lijnen zijn getrokken op de grond, speel je zaalhockey met balken als zijlijnen. Deze balken zijn te gebruiken als een soort rebound-balken en hierdoor kan de bal niet uit. Verdere basisregels zijn dat je niet mag slaan en dat de bal niet hoog mag. Uiteraard zijn er nog veel meer regels, maar laten we hier maar mee beginnen.

Kortom, we beginnen dus om 15.00 uur, maar ik geef aan dat iedereen om 14.45 uur aanwezig moet zijn zodat we de balken kunnen neerleggen. Hebben de kinderen geholpen? Nee, natuurlijk niet. Die gaan als stuiterballen door de zaal. Spannend! Dan gaan we beginnen. Mijn eerste vraag is waarom een zaalhockeystick er zo anders uitziet. “Hiermee kan je lekker snijeren” (dat is de bal hoog slaan wat makkelijker gaat met een lichte, scherpe stick). “Kan”, zeg ik, “maar dat mag niet in de zaal”. 8 koppies zitten me met grote ogen aan te kijken als ik zeg dat je de bal niet mag slaan en dat daardoor de stick dus zo dun en licht kan zijn. “Hoe moet je dan een bal slaan?”. Ik vertel ze nogmaals dat je niet mag slaan, maar alleen mag pushen (de bal duwen) “Dat is jammer, want als je wel mag slaan gaat de bal lekker hard hier”, zegt er 1.

Tweede vraag: waar is die handschoen voor? “Om te boxen” zeg er 1. “Om de bal mee op te pakken en te gooien?”. Neeeeee. Ik vertel ze dat je in de zaal heel laag verdedigd met je stick bijna plat op de grond. Hierdoor is je linkerhand ook op de grond en is de handschoen een bescherming. Volgende vraag:” wat is er anders aan het veld hier dan buiten op het veld?”. “Het is in de zaal” roepen ze allen in koor. Heel goed hoor. “Het veld is kleiner”. Ja, dat is goed. “Het is smaller”. Ja, ook weer goed”. “Nog meer?” vraag ik. Toen werd het wel erg stil. “Kijk eens goed jongens, wat ligt er langs de lijn?”. “Waar is de lijn eigenlijk?” vraagt er 1. Goede vraag, in een zaal staan namelijk heel veel lijnen voor verschillende sporten. De zwarte lijnen zijn van een hockeyveld. “Ja, maar dat kan niet, want er liggen balken op de zwarte lijnen, dus hoe kunnen we dan hockeyen?”. Heel goed! Dat is dus het grootste verschil. “Door de balken kan de bal niet uit en kan je hem gebruiken om tegen aan te spelen”. “Echt? Mag dat? Dat is cool” roepen er een paar. Ik zie er ook een paar met zeer grote vraagtekens kijken.

“Pak je stick en een bal, dan gaan we het proberen”. Ik laat de jongens eerst even de bal, die in de zaal ook lichter is, naar elkaar overspelen. De ballen gaan in de zaal veel harder en vliegen dan ook alle kanten op. Ik zie ballen van links naar rechts gaan, jongentjes er achteraan rennen en in paniek proberen een bal te stoppen. Ok, even terug naar de basis. Dat gaat al beter. Gewoon op korte afstand van elkaar een bal overspelen. Als dat een beetje gaat, gaan we beginnen met de balk. “Ok, iedereen 1 bal en ga voor de balk staan”. Ik laat ze even “proeven” hoe zo’n balk werkt en ook nu zie je erg veel verschil. De een staat op 1 meter van de bal en probeert rustig de bal tegen de balk aan te spelen, de ander staat 10 meter van de balk en duwt als een gek die bal met een enorme snelheid naar de balk. Gevolg, weer alle ballen gaan alle kanten op en er over heen. Nieuwe oefening dan maar. Iedereen weer een bal en moet achter mij aanlopen. We drijven de bal rustig over het hele veld. Opdracht is dat de bal aan je stick moet plakken. Dat gaat goed, op af en toe na dan. Vervolgens komen we in de hoek van het veld aan bij het begin van een balk. Nu gaan we rustig de bal tegen de balk spelen en ondertussen doorlopen. Nu wordt het al spannender, want bij het merendeel gaat het goed, omdat ze het rustig doen, maar bij een aantal gaat het uiteraard mis. Wilde brassen kunnen niet rustig een bal spelen, dus vliegen ze weer alle kanten op. Ach, dat maakt niet uit, want het is de eerste keer.

Inmiddels zijn we al bijna 40 minuten bezig en dus wordt het tijd voor een partijtje. Ik overweeg nog even om alle spelregels uit te leggen, maar laat dat achterwegen omdat we toch nog heel wat trainingen hebben voordat we in januari de eerste wedstrijd hebben, gelukkig. We spelen uit eindelijk 15 minuten een partij wat een chaos is. Iedereen vliegt alle kanten op, de ballen gaan alle kanten op behalve de goede en de balk wordt niet gebruikt. Toch zie ik rode koppen van inspanning en grote glimlachen op de koppies van de jongens. Ondertussen komt het volgende team al de zaal in voor hun training. Het is een wat ouder jeugdteam die al jaren zaalhockey speelt. Ik zie ze hoofdschuddend naar onze chaos kijken en hoor ze vragen wat dit in hemelsnaam is. Als ik naar mijn team kijk, denk ik eigenlijk hetzelfde.

Dan is het 16.15 uur en is het klaar. De jongens zijn mega enthousiast en willen niet stoppen. In de avond ontploft de groeps app met van alle ouders berichten hoe geweldig ze het vonden. Ook mijn zoon vond het super en wil niks liever meer en vraagt zelfs de volgende dag wanneer er weer training is, iets wat hij nog nooit gevraagd heeft. De wonderen zijn de wereld nog niet uit blijkbaar en als ze de volgende keer nou weer zo goed hun best doen (en de keren daarop ook) dan durf ik best in januari het veld met ze in als de wedstrijden beginnen. Chaos zal het zijn, maar dat is het op het veld ook, dus “what’s new?”. Het meeste stomme is dat ik als “niet-zaalhockeyer” er zelfs van genoten heb. Sterker nog, ook ik kan niet wachten tot de volgende training. Wie had dat nou ooit gedacht?

Share

Post navigation

Geef een reactie